Het kabinet wil vanaf 1 juli 2030 e-facturatie verplicht stellen voor zakelijke transacties, zie dit bericht. De verplichting gaat gelden voor zowel grensoverschrijdende als binnenlandse transacties tussen bedrijven (btw-ondernemers). Daarnaast wordt digitale rapportage verplicht: per 1 juli 2030 voor alle grensoverschrijdende transacties en per 1 juli 2031 voor alle binnenlandse zakelijke transacties.
Europese aanleiding
De plannen volgen uit de Europese richtlijn ‘Btw in het digitale tijdperk’ (ViDA). Momenteel hanteren EU-lidstaten verschillende btw-rapportageverplichtingen. Dit belemmert de Europese handel en leidt tot extra administratieve lasten.
Vanaf juli 2030 moeten ondernemers in de EU grensoverschrijdende zakelijke transacties digitaal én per transactie rapporteren aan de Belastingdiensten. Hiervoor zijn elektronische facturen nodig. Een e-factuur is geen pdf, maar een factuur in een gestructureerd formaat die automatisch door administratieve systemen kan worden verwerkt.
Nederland kiest voor bredere invoering
EU-lidstaten mogen de regels ook toepassen op binnenlandse transacties. Nederland maakt, net als onder meer België, Duitsland, Frankrijk, Italië en Polen, gebruik van deze mogelijkheid.
Het tijdpad voor de invoering is als volgt:
Ondernemers die de kleineondernemersregeling (KOR) toepassen en een jaaromzet van maximaal € 20.000 hebben, blijven ook na invoering vrijgesteld van e-facturatie en rapportage. Of dit ook gaat gelden voor ondernemers die gebruik maken van andere btw-vrijstellingen wordt nog nader bekeken.
Gevolgen voor ondernemers
Ondernemers die nog geen gestructureerde e-facturen gebruiken, moeten mogelijk hun boekhoudpakket, ERP-systeem en factureringsprocessen aanpassen. Ook de kwaliteit van klant-, leverancier- en btw-gegevens wordt belangrijker. Tegenover deze investering staan mogelijke voordelen volgens de Rijksoverheid. E-facturatie kan de verwerking van facturen automatiseren, fouten verminderen en kosten besparen. De Belastingdienst kan de ontvangen gegevens gebruiken voor gerichter toezicht en betere dienstverlening.
Ondernemers kunnen zich voorbereiden door:
Beveiliging als randvoorwaarde
Het kabinet beschouwt de bescherming van bedrijfsgevoelige gegevens als een harde randvoorwaarde. De toegang wordt beperkt op basis van rollen en het need-to-know principe. Ook wordt vastgelegd wie gegevens raadpleegt, wanneer dit gebeurt en met welk doel. Het kabinet is van plan voor de Belastingdienst een bewaartermijn van tien jaar te hanteren. Dit wijkt af van de wettelijke bewaarplicht voor financiële gegevens van zeven jaar, maar vanuit oogpunt van bijvoorbeeld btw-herzieningstermijnen is deze termijn begrijpelijk.
Vervolg
Het conceptwetsvoorstel wordt in het najaar van 2026 in internetconsultatie gebracht en deze zullen wij kritisch beoordelen. Het kabinet wil het wetsvoorstel voor de zomer van 2027 bij de Tweede Kamer indienen. De veilige gegevensuitwisseling, technische inrichting en gevolgen voor de administratieve lasten worden nog verder onderzocht.
Publiq volgt de ontwikkelingen op de voet en kan u ondersteunen bij het beoordelen van de gevolgen voor uw btw-processen, data, interne beheersing en financiële systemen. Zodra er meer duidelijkheid is over de wetgeving en technische uitwerking, berichten wij u opnieuw. Hebt u tussentijds vragen, neem gerust contact met ons op.