Naar aanleiding van de Kamerbrief over het verlengen en instellen van specifieke uitkeringen, de bijbehorende toelichtingen en de brief van VWS aan VSG, is nu duidelijk dat de SPUK Stimulering Sport voor gemeenten verlengd gaat worden. In deze stukken is bevestigd dat de huidige SPUK Stimulering Sport en de Brede Regeling Combinatiefuncties (BRC) vanaf 2027 worden samengevoegd tot één nieuwe SPUK met een looptijd van 2027 tot en met 2029.
De SPUK Sport (Specifieke Uitkering Stimulering Sport) is ontstaan als compensatie voor gemeenten. In 2019 werd de btw-sportvrijstelling verruimd, waardoor gemeenten en sportbedrijven de btw op investeringen in sportaccommodaties en materialen niet meer konden aftrekken. De SPUK verzacht deze financiële pijn. In 2026 werkt de SPUK Stimulering Sport nog als afzonderlijke specifieke uitkering waarmee gemeenten middelen ontvangen voor de ontwikkeling, instandhouding, bouw, onderhoud en verduurzaming van sportaccommodaties; de regeling is daarmee vooral gericht op de gemeentelijke sportinfrastructuur. Gemeenten moeten de besteding van de SPUK-middelen binnen het specifieke doel van de regeling verantwoorden via de daarvoor geldende verantwoordingssystematiek.
Vanaf 2027 worden de huidige SPUK Stimulering Sport en de Brede Regeling Combinatiefuncties (BRC) samengevoegd tot één nieuwe SPUK Sport en Bewegen met een looptijd van 2027 tot en met 2029; waar gemeenten nu nog afzonderlijk middelen ontvangen en verantwoorden voor enerzijds sportaccommodaties en anderzijds de inzet van buurtsport- en cultuurcoaches, ontstaat straks één regeling waarin beide onderdelen gezamenlijk dienen te worden verantwoord.
Het gaat om in totaal €257 miljoen (inclusief uitvoeringskosten), bestaande uit €174 miljoen voor sportinfrastructuur ( €177 miljoen in 2026) en €83 miljoen voor BRC-middelen, waarbij de nieuwe regeling gemeenten meerjarige financiële duidelijkheid moet geven en tegelijk de verbinding tussen accommodaties, uitvoeringskracht, sportstimulering en bredere maatschappelijke opgaven moet versterken. De exacte bedragen per gemeente worden nog nader bekendgemaakt, onder meer via de begrotingscyclus.
Voor gemeenten is vooral van belang dat het gaat om een meerjarige regeling van drie jaar. Daarmee ontstaat meer planningszekerheid voor lokaal sport- en beweegbeleid, de inzet van buurtsport- en cultuurcoaches, investeringen in sportaccommodaties en de verbinding met bredere opgaven zoals preventie, gezondheid, kansengelijkheid en sociale basis.
Tegelijkertijd is de keuze voor een SPUK niet zonder aandachtspunten. In de bijlagen bij de Kamerbrief wordt benoemd dat een specifieke uitkering op gespannen voet kan staan met het huidige kabinetsbeleid om gemeentelijke autonomie te vergroten en administratieve lasten te beperken. Daarom wordt richting 2030 onderzocht of een andere financieringsvorm, zoals een bijzondere fondsuitkering, een haalbaar alternatief kan zijn. Voor de lange termijn blijft het dus onzeker voor gemeenten hoe de dekking van het btw-nadeel op de gemeentelijke sportinfrastructuur geregeld gaat worden.
Voor de gemeentelijke praktijk betekent het in ieder geval dat een stukje financiële onzekerheid hiermee is weggevallen maar tegelijkertijd brengt dit organisatorisch wel veranderingen met zich mee. Gemeenten zullen moeten beoordelen hoe zij de nieuwe regeling inpassen in hun lokale beleidskaders, begroting, verantwoordingsprocessen en samenwerking met uitvoeringspartners.
Heeft u vragen hierover, neem dan contact op met onze btw-adviseurs of stuur een mail naar [email protected] en wij nemen contact met u op.